Rabbit haemorragic disease

RABBIT HAEMORRHAGIC DISEASE (Bloedziekte)

  1. HISTORIE.

Eerste uitbraak in China in 1984. Thans wereldwijd, behalve in Zuid-Amerika.

De oorzaak is een “Calici-virus”, mogelijk in combinatie met een “Parvo-virus”.

Het Europese konijn, Oryctolagus cuniculus, is als enige gevoelig.

De ziekte komt echter incidenteel ook voor bij hazen: Het konijnen Calici-virus is nl. nauw verwant aan de verwekker van het European Brown Hare Syndrome.

R.H.D. verdient op dit moment wel even wat extra aandacht van de konijnenhouders, ook van de liefhebbers.

  1. ZIEKTEBEELD.

 

Konijnen onder de 4 weken oud zijn ongevoelig. Tot 8 weken oud zijn ze matig gevoelig voor de ziekte, maar vanaf 2 maanden oud verloopt de ziekte dramatisch!

18-48 uur na de besmetting met het virus komen de ziektetekens tot uiting: Hoge koorts, sufheid, geen eetlust, evt. bloedingen uit de lichaamsopeningen, schuim op de neus (t.g.v. longoedeem).

Sterfte na 30-40 uur, echter de sterfte kan ook zeer plots optreden zonder veel voorafgaande ziekteverschijnselen.

De sterfte is dramatisch: Gemiddeld 80-100%!

  1. VERSPREIDING EN AANPAK VAN DE BESMETTING.

Alle organen (dus ook huid en vacht!!) en lichaamsvochten kunnen virus bevatten.

Konijnen die de ziekte overleven, evt. na vaccinatie, zijn nog minimaal 8 weken drager en uitscheider van het virus, vooral via de mest. Echter ook huidschilfers en vachten kunnen virus bevatten.

Het virus overleeft lang in de omgeving: Bij winterse temperaturen bijna tot een jaar!

Het virus verspreidt zich door rechtstreeks contact tussen konijnen, maar ook onrechtstreeks contact is zeer belangrijk.

Kortom alles dat contact kan hebben met besmette konijnen draagt het virus met zich mee: Karkassen/kadavers, mest, vacht en wol.

Gras, hooi en groenten kunnen door wilde konijnen besmet zijn!

Alle materialen in de konijnenstal kunnen langdurig besmet zijn met virus, evenals kleding en schoeisel.

Honden, katten, andere knaagdieren, insecten en mensen (o.a. verzorgers, slachters, jagers, dierenartsen) kunnen na contact met besmette konijnen het virus meedragen.

Maak van uw stal een hygiënisch bolwerk:

  • Werk met bedrijfskleding en -schoeisel, ook voor bezoekers.
  • Handen wassen voor en na het betreden van de stal.
  • Bestrijdt muizen, ratten en insecten; laat geen honden en katten in de stal.
  • Vermijd alle contact, rechtstreeks en onrechtstreeks, met wilde konijnen.
  • Probeer uit te vinden of uw konijnenvoer besmet kan zijn via wilde konijnen.
  • Wissel geen materialen uit met collega-konijnenhouders.

Tentoonstellingen zijn een potentieel risico voor contact met niet-zieke virusuitscheiders of besmette materialen en mensen. Na ziekte zijn konijnen dus nog zeker 8 weken virusuitscheider!

Vaccinatie is een manier om de ziekte te voorkomen. De besmetting met het virus en de uitscheiding van virus wordt echter niet voorkomen!

Er is een goed combinatievaccin tegen RHD en Myxomatose dat een jaar werkzaam is.

  1. DE ZIEKTE IS BINNEN; WAT NU?

 

QUARANTAINE: Zeker 2 maanden, zo mogelijk 3, geen tentoonstellingen bezoeken met de konijnen. Geen konijnen aan- of verkopen. Ook zelf strikte hygiëne in acht nemen bij het bezoeken van tentoonstellingen of collega’s. Gebruik voor de verzorging een overall en schoeisel die in de stal blijven.

Aangetaste konijnen (als ze al niet dood zijn) afmaken en alle kadavers van het bedrijf verwijderen ter destructie (dus niet ergens begraven!).

Alle besmette strooisels en voeders van het bedrijf verwijderen. In alle materialen, ook droge, kan het virus dus lang overleven.

Een “noodenting” heeft wisselend, maar toch vooral zeer matig succes. Deze moet binnen 3 dagen na de eerste ziekteverschijnselen uitgevoerd worden om nog enig effect te mogen verwachten.

Na grondige reiniging de hokken goed ontsmetten:

  • Het beste werkt een ontsmettingsmiddel op basis van Glutaaraldehyde en Kwaternaire ammoniumverbindingen, evt. + Formaldehyde.
  • Halamid-d.

Minstens 1 uur in laten werken, daarna de hokken grondig naspoelen om te voorkomen dat nieuwe konijnen ziek worden van het ontsmettingsmiddel.

Zo mogelijk ook tussentijds de hokken en gebruiksvoorwerpen ontsmetten.

Nieuw geboren konijnen vaccineren vanaf 6-8 weken (volgens bijsluiter).

Na de quarantaineperiode is het wijs om alleen gevaccineerde dieren aan te kopen: Tenminste 3 weken vantevoren gevaccineerd.

Konijnen die tentoonstellingen bezoeken zouden in principe gevaccineerd moeten zijn.

  1. KONIJNEN OP INTERNET: www.rabbit.org (Engelstalig).

 

  1. NAWOORD:

Deze ziekte heeft grote schade aangericht onder de wilde konijnenpopulatie, die zich weer goed lijkt te herstellen. Aangezien R.H.D. een ziekte is van het soort 'voorkomen is beter dan genezen' is het zeer raadzaam om te gaan vaccineren.